Logo Kamerkoor Vocoza Toegewijd

Teksten en vertalingen programma Toegewijd, juni 2009

Deze teksten en de vertalingen staan ook in het programmaboekje (pdf), dat ook op papier met een nietje erdoor te koop is voorafgaand aan het concert voor € 1,00. © Vertalingen: Pieter Nieuwint, Kamerkoor Vocoza


Requiem in memoriam Josquin Des Prez (1532)

Jean Richafort (1480?-1548)


Introit

Requiem eternam dona eis, Domine:
et lux perpetua luceat eis.
Te decet hymnus, Deus, in Sion:
et tibi reddetur votum in Jerusalem.
Exaudi orationem meam,
ad te omnis caro veniet.

Circumdederunt me gemitus mortis,
dolores inferni.

Geef hen de eeuwige rust, Heer,
en het eeuwige licht verlichte hen.
U, God, komt een loflied in Sion toe,
en U zal een gelofte afgelegd worden in Jeruzalem.
Verhoor mijn gebed,
tot U kome alle vlees.

Mij omknelden stervensweeën,
de smarten der onderwereld grepen mij aan.


Kyrie

Kyrie eleison. Christe eleison.
Kyrie eleison.

Heer, ontferm U over ons. Christus, ontferm U over ons.
Heer, ontferm U over ons.


Graduale

Si ambulem in medio umbrae mortis,
non timebo mala,
quoniam tu mecum es, Domine.
Virga tua et baculus tuus,
ipsa me consolata sunt.

Circumdederunt me gemitus mortis,
dolores inferni.

C’est douleur non pareille.

Al wandel ik midden in de schaduw van de
dood, ik vrees geen kwaad;
omdat Gij met mij zijt.
Uw stok en uw staf,
zij zijn mijn troost.

Mij omknelden stervensweeën,
de smarten der onderwereld grepen mij aan

Er is geen grotere zorg.


Messe en sol-majeur (1937)

Francis Poulenc (1899-1963)


Kyrie

Kyrie eleison.
Christe eleison.
Kyrie eleison.

Heer, ontferm U.
Christus, ontferm U.
Heer, ontferm U.


Gloria

Gloria in excelsis deo
Et in terra pax
Hominibus bone voluntatis.
Laudamus te, benedicimus te,
adoramus te, glorificamus te,
Gratias agimus tibi
Propter magnam gloriam tuam.

Domine deus, rex celestis,
Deus pater omnipotens,
Domine fili unigenite
Jesu Christe;
Domine deus, agnus dei,
Filius patris,

Qui tollis peccata mundi,
Miserere nobis;
Qui tollis peccata mundi,
Suscipe deprecationem nostram;
Qui sedes ad dextram patris,
Miserere nobis.

Quoniam tu solus sanctus,
Tu solus dominus,
Tu solus altissimus,
Jesu Christe,
Cum sancto spiritu in Gloria
Dei patris. Amen.

Eer aan God in den hoge,
en vrede op aarde
aan de mensen van goede wil
Wij loven U, wij prijzen en
aanbidden U, wij verheerlijken U
en zeggen U dank
voor Uw grote heerlijkheid.

Heer, God, hemelse Koning
God, almachtige Vader;
Heer, eniggeboren Zoon,
Jezus Christus.
Heer God, Lam Gods,
Zoon van de Vader.

Gij, die wegneemt de zonden der wereld,
ontferm U over ons.
Gij, die wegneemt de zonden der wereld,
aanvaard ons gebed.
Gij, die zit aan de rechterhand van de Vader,
ontferm U over ons.

Want Gij alleen zijt de Heilige,
Gij alleen de Heer.
Gij alleen de Allerhoogste
Jezus Christus.
Met de Heilige Geest, in de heerlijkheid
van God de Vader. Amen.


Sanctus

Sanctus, sanctus, sanctus,
Dominus deus sabaoth,
Pleni sunt caeli et terra Gloria tua.
Hosanna in excelsis.

Heilig, heilig, heilig,
de Heer, de God der hemelse machten.
Vol zijn hemel en aarde van uw heerlijkheid.
Hosanna in den hoge.


Benedictus

Benedictus qui venit
in nomine domini.
Hosanna in excelsis.

Gezegend Hij die komt
in de naam des Heren.
Hosanna in den hoge


Agnus Dei

Agnus Dei, qui tollis peccata mundi,
Miserere nobis;
Agnus Dei, qui tollis peccata mundi,
Dona nobis pacem.

Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,
ontferm U over ons.
Lam Gods, dat wegneemt de zonden der wereld,
Geef ons vrede


O nata lux de lumine

Thomas Tallis (1505-1585)

O nata lux de lumine,
Jesu redemptor sæculi,
dignare clemens supplicum
laudes precesque sumere.

Qui carne quondam contegi
dignatus es pro perditis,
nos membra confer effici,
tui beata corporis.

O Licht geboren uit Licht,
Jezus, verlosser van de wereld,
verwaardig u de lofzangen en de gebeden
van uw smekelingen te aanvaarden.

Gij, die u eens hebt verwaardigd
met vlees te worden bekleed terwille van hen die verloren waren,
geef dat wij ledematen mogen worden
van uw zalig lichaam.


Miserere Nostri

Thomas Tallis (1505-1585)

Miserere nostri, Domine

Wees ons genadig, Heer.


Totus Tuus

Henryk Górecki (1933)

Totus Tuus sum, Maria,
Mater nostri redemptoris,
Virgo Dei, Virgo pia,
Mater mundi, Salvatoris.

Ik ben geheel en al de uwe, Maria.
Moeder van onze redder,
Gods maagd, zoete maagd,
Moeder van de Verlosser der wereld.


Take Him, Earth, for Cherishing (1963)

Neem hem, aarde, om hem te koesteren

Herbert Howells (1892-1983). Commissioned for the memorial service of John F. Kennedy

Geschreven ter nagedachtenis aan John Fitzgerald Kennedy, president van de Verenigde Staten van Amerika

Take him, earth, for cherishing,
to thy tender breast receive him.
Body of a man I bring thee,
noble even in its ruin.

Once was this a spirit's dwelling,
by the breath of God created.
High the heart that here was beating,
Christ the prince of all its living.

Guard him well, the dead I give thee,
not unmindful of his creature
shall he ask it: he who made it
symbol of his mystery.

Comes the hour God hath appointed
to fulfil the hope of men,
then must thou, in very fashion,
what I give, return again.

Not though ancient time decaying
wear away these bones to sand,
ashes that a man might measure
in the hollow of his hand:

Not though wandering winds and idle,
drifting through the empty sky,
scatter dust was nerve and sinew,
is it given to man to die.

Once again the shining road
leads to ample Paradise;
open are the woods again,
that the serpent lost for men

Take, O take him, mighty leader,
take again thy servant's soul.
Grave his name, and pour the fragrant
balm upon the icy stone.

From a 4th-century poem by Aurelius Clemens Prudentius, translated by Helen Waddell

Neem hem, aarde, om hem te koesteren,
ontvang hem aan uw liefhebbende borst.
Het lichaam van een man breng ik u,
nobel, zelfs in zijn ondergang.

Eens was dit de woonplaats van een geest,
geschapen door de adem van God.
Hoog het hart dat hier klopte,
Christus de prins van alles wat erin leefde.

Bewaak hem goed, de dode die ik u geef,
Zijn schepsel indachtig zal Hij
het opvragen: Hij die het
het symbool maakte van Zijn mysterie.

Als het uur dat God heeft vastgesteld, komt
om de hoop van de mensen te vervullen,
dan moet u, op precieze wijze,
wat ik geef teruggeven.

Ook al doet de oeroude tijd deze botten
vervallen tot zand,
as die een man zou kunnen meten
in de holte van zijn hand:

ook al verspreiden zwervende, loze winden
die langs de lege hemel drijven
stof die eens zenuw was en pees,
toch is het de mens niet gegeven te sterven.

Nogmaals leidt de stralende weg
naar het onbegrensde Paradijs;
open zijn wederom de bossen
die de slang voor de mensen verloor.

Neem, o neem hem, machtige Leider,
neem wederom de ziel van Uw dienaar.
Graveer zijn naam, en giet de welriekende
balsem op de ijskoude steen.

Uit een gedicht door Aurelius Clemens Prudentius, 4de eeuw


Haec Dies

William Byrd (1543-1623)

Haec dies quam fecit Dominus:
Exultemus et laetemur in ea.
Alleluia.

(Psalm 118:24)

Dit is de dag die de Heer gemaakt heeft,
laten we juichen en ons verheugen.
Halleluja.


Ave Verum Corpus

William Byrd (1543-1623)

Ave verum corpus,
natum de Maria virgine,
Vere passum immolatum
in cruce pro homine,
Cujus latus perforatum
unda fluxit et sanguine,
Esto nobis praegustatum
In mortis examine.

Gegroet waarachtig lichaam
geboren uit de Maagd Maria
dat werkelijk heeft geleden
en voor de mens geofferd is aan het kruis.
Uit wiens doorboorde zijde
water met bloed vloeide.
Wees voor ons een voorproef (van de hemel)
In de beproeving van de dood.


Hymn to St. Cecilia (1942)

Hymne aan St. Cecilia

Benjamin Britten (1913-1976). Words by W. H. Auden.


Part I

In a garden shady this holy lady
With reverent cadence and subtle psalm,
Like a black swan as death came on
Poured forth her song in perfect calm:
And by ocean’s margin this innocent virgin
Constructed an organ to enlarge her prayer,
And notes tremendous from her great engine
Thundered out on the Roman air.

Blonde Aphrodite rose up excited,
Moved to delight by the melody,
White as an orchid she rode quite naked
In an oyster shell on top of the sea;
At sounds so entrancing the angels dancing
Came out of their trance into time again,
And around the wicked in Hell's abysses
The huge flame flickered and eased their pain.

Blessed Cecilia, appear in visions
To all musicians, appear and inspire:
Translated Daughter, come down and startle
Composing mortals with immortal fire.

In een schaduwrijke tuin liet deze heilige dame,
met eerbiedige cadans in een subtiele psalm,
Als een zwarte zwaan bij wie de dood naderbij kwam,
In volmaakte kalmte haar gezang schallen:
En aan de rand van de oceaan bouwde deze onschuldige maagd
Een orgel om haar gebed kracht bij te zetten
En daverende noten donderden uit haar grote machine
over de Romeinse lucht.

De blonde Afrodite stond opgewonden op,
In verrukking gebracht door de melodie,
Zo wit als een orchidee reed ze geheel naakt
In een oesterschelp over het zee-oppervlak;
Bij zulke betoverende klanken kwamen de engelen
Dansend uit hun trance de tijd weer binnen,
En rond the verdorvenen in de peilloze diepten van de hel
Flikkerde de enorme vlam en verzachtte hun pijn.

Gezegende Cecilia, verschijn in visioenen
Aan alle musici, verschijn en inspireer:
Ten hemel gevoerde dochter, daal af en verbijster
Componerende stervelingen met onsterfelijk vuur.


Part II

I cannot grow;
I have no shadow
To run away from,
I only play.

I cannot err;
There is no creature
Whom I belong to,
Whom I could wrong.

I am defeat
When it knows it
Can now do nothing
By suffering.

All you lived through,
Dancing because you
No longer need it
For any deed.

I shall never be
Different. Love me.

Blessed Cecilia, appear in visions
To all musicians, appear and inspire:
Translated Daughter, come down and startle
Composing mortals with immortal fire.

Ik kan niet groeien;
Ik heb geen schaduw
Om van weg te rennen,
Ik speel slechts.

Ik kan niet dwalen;
Er is geen schepsel
Aan wie ik toebehoor,
Dat ik onrecht zou kunnen doen.

Ik ben de nederlaag
Als die weet dat hij
nu niets kan doen
Door te lijden.

Alles wat je beleefd hebt,
Dansend omdat je
het niet langer
Voor enige daad nodig hebt.

Ik zal nooit anders zijn.
Houd van me.

Gezegende Cecilia, verschijn in visioenen
Aan alle musici, verschijn en inspireer:
Ten hemel gevoerde dochter, daal af en verbijster
Componerende stervelingen met onsterfelijk vuur.


Part III

O ear whose creatures cannot wish to fall,
O calm of spaces unafraid of weight,
Where Sorrow is herself, forgetting all
The gaucheness of her adolescent state,
Where Hope within the altogether strange
From every outworn image is released,
And Dread born whole and normal like a beast
Into a world of truths that never change:
Restore our fallen day; O re-arrange.

O dear white children casual as birds,
Playing among the ruined languages,
So small beside their large confusing words,
So gay against the greater silences
Of dreadful things you did: O hang the head,
Impetuous child with the tremendous brain,
O weep, child, weep, O weep away the stain,
Lost innocence who wished your lover dead,
Weep for the lives your wishes never led.

O cry created as the bow of sin
Is drawn across our trembling violin.

O weep, child, weep, O weep away the stain.

O law drummed out by hearts against the still
Long winter of our intellectual will.

That what has been may never be again.

O flute that throbs with the thanksgiving breath
Of convalescents on the shores of death.

O bless the freedom that you never chose.

O trumpets that unguarded children blow
About the fortress of their inner foe.

O wear your tribulation like a rose.

Blessed Cecilia, appear in visions
To all musicians, appear and inspire:
Translated Daughter, come down and startle
Composing mortals with immortal fire.

O oor wiens schepselen niet kunnen wensen te vallen,
O kalmte van ruimtes die niet bang zijn voor gewicht,
Waar het verdriet zichzelf is en al de onbeholpenheid
Van haar puberteit vergeten heeft,
Waar de Hoop binen het volstrekt vreemde
wordt vrijgemaakt van elk versleten beeld,
En de Vrees, volledig en normaal als een beest,
Geboren wordt in een wereld van waarheden die nooit veranderen:
Herstel onze gevallen dag; o, herschik.

O lieve witte kinderen losjes als vogels,
Aan het spelen rond de verwoeste talen,
Zo klein naast hun grote verwarrende woorden,
Zo vrolijk afstekend tegen de grotere stiltes
Van vreselijke dingen die je gedaan hebt: o, laat je hoofd hangen,
Roekeloos kind met het geweldige brein,
O ween, kind, ween, o ween de vlek weg,
Verloren onschuld die wenste dat je minnaar dood was,
Ween voor de levens die jouw wensen nooit hebben geleid.

O kreet geschapen terwijl de strijkstok van de zonde
Over onze trillende viool wordt getrokken.

O ween, kind, ween, o ween de vlek weg.

O wet die onder tromgeroffel door harten wordt doorgegeven
Tegen de nog lange winter van onze intellectuele wil.

Wat geweest is komt misschien nooit meer terug.

O fluit die bonst met de dankbrengende adem
Van herstellenden op de kusten van de dood.

O zegen de vrijheid waar je nooit voor gekozen hebt.

O trompetten waarop zorgeloze kinderen blazen
Rond het fort van hun innerlijke vijand.

O draag je rampspoed als een roos.

Gezegende Cecilia, verschijn in visioenen
Aan alle musici, verschijn en inspireer:
Ten hemel gevoerde dochter, daal af en verbijster
Componerende stervelingen met onsterfelijk vuur.